Home
FAQ
About
Log in
Subscribe now
Java Games:
Flashcards, matching, concentration, and word search.
Wochenende im Sauerland
Tools
Copy this to my account
E-mail to a friend
Find other activities
Start over
Return to class page
Help
Wortschatz Klub 2000 (2), Kapitel 1
A
B
das Wochenende
het weekend
am Wochenende
in het weekend
das Dorf
het dorp
fahren (in...)
rijden
die Landschaft
het landschap
die Natur
de natuur
hübsch
mooi, schattig
die ganze Zeit
de hele tijd
die Wanderung
wandeling
abends
's avonds
die Weinstube
een wijnbar
die Disko
de discotheek
treffen
ontmoeten
nett
vriendelijk
die Leute
mensen
sogar
zelfs
zu Besuch einladen
op bezoek uitnodigen
erzählen
vertellen
die Sporthalle
de sporthal
aufs Land
naar het platteland (richting)
auf dem Land
op het platteland (plaats)
ans Meer fahren
naar zee rijden
der Computer
de computer
fernsehen
TV kijken
übernachten
overnachten
zu Hause
thuis
nach Hause
naar huis
die Kneipe
café
auf keinen Fall
in geen geval
verbringen
doorbrengen
wenn
als (voorwaarde)
wann
wanneer (tijd)
der Urlaub
vakantie
in den Ferien
tijdens de vakantie
das Ausland
het buitenland
auf Reisen gehen
op reis gaan
gefallen
bevallen (leuk vinden)
Einkäufe machen
boodschappen doen
toll
tof
vor zwei Jahren
twee jaar geleden
der Wald
het bos
Spaß machen
plezier doen
vor zwei Monaten
twee maand geleden
der Tagesflug
daguitstap
blöd
stom
teuer
duur
kaum
nauwelijks
das Gebäude
het gebouw
der Führerschein
rijbewijs
voriges Jahr
vorig jaar
sich freuen auf...
zich verheugen op...
die Gegend
de omgeving
This activity was created by a Quia Web subscriber.
Learn more about Quia
Create your own activities