| A | B |
| Voor welke functies wordt de nominatief gebruikt? | onderwerp en gezegde |
| Voor welke functies wordt de vocatief gebruikt? | aanspreking |
| Voor welke functies wordt de genitief gebruikt? | bijvoeglijke bepaling |
| Voor welke functies wordt de datief gebruikt? | meewerkend voorwerp, datief van voordeel en bij sommige werkwoorden |
| Voor welke functies wordt de accusatief gebruikt? | lijdend voorwerp en na voorzetsels |
| Voor welke bijwoordelijke bepalingen gebruikt men de enkele ablatief? | bwb. wijze-middel-oorzaak-tijd |
| Wat is het verschil tussen in + acc. en in + abl.? | in + acc.: plaatsverandering: tot in / in + abl.: zonder plaatsverandering: in,op |
| Geef de vuistregel voor het onderscheiden van datief en ablatief op -o, -is, -ibus en -ebus. | een persoon: meestal datief / een begrip of zaak: meestal ablatief |
| Hoe wordt het Handelend Voorwerp in het Latijn uitgedrukt? | levend: ab + abl. / levenloos: enkele ablatief |