| A | B |
| Geef de drie soorten completiefzin. | infinitiefzin - conjunctiefzin - indirecte vraag |
| Welke verba regeren een infinitiefzin? | sentiendi - declarandi - voluntatis - affectuum |
| Op welke tijdsverhouding t.o.v. hoofdwerkwoord wijst een inf. praesens? | gelijktijdigheid |
| Op welke tijdsverhouding t.o.v. hoofdwerkwoord wijst een inf. perfectum? | voortijdigheid |
| Op welke tijdsverhouding t.o.v. hoofdwerkwoord wijst een inf. futurum? | natijdigheid |
| Welke verba regeren de conjunctiefzin ingeleid door ut/ut ne? | verba curandi - voluntatis - sentiendi - declarandi |
| Welke verba regeren de conjunctiefzin ingeleid door ne/ne non? | timendi - impediendi |
| Op welke tijdsverhouding t.o.v. welk hoofdwerkwoord wijst in een conjunctiefzin een conj. praesens? | gelijktijdig of natijdig t.o.v. tegenwoordig of toekomstig hoofdwerkwoord |
| Op welke tijdsverhouding t.o.v. welk hoofdwerkwoord wijst in een conjunctiefzin een conj. imperfectum | gelijktijdig t.o.v. verleden hoofdwerkwoord |
| Op welke tijdsverhouding t.o.v. welk hoofdwerkwoord wijst in een conjunctiefzin een conj.perfectum? | voortijdig t.o.v. tegenwoordig of toekomstig hoofdwerkwoord |
| Op welke tijdsverhouding t.o.v. welk hoofdwerkwoord wijst in een conjunctiefzin een conj. plusquamperfectum? | voortijdig t.o.v. verleden hoofdwerkwoord |
| In welke wijze staat het werkwoord van de indirecte vraag? | conjunctief |
| Welke twee vraagpartikels worden gebruikt bij de indirecte vraag en wat betekenen ze? | num / - ne: of |
| Op welke tijdsverhouding t.o.v. welk hoofdwerkwoord wijst in een indicrecte vraag een conj. praesens | gelijktijdig t.o.v. heden of toekomstig hoofdwerkwoord |
| Op welke tijdsverhouding t.o.v. welk hoofdwerkwoord wijst in een indicrecte vraag een conj. imperfectum | gelijktijdig t.o.v. verleden hoofdwerkwoord |
| Op welke tijdsverhouding t.o.v. welk hoofdwerkwoord wijst in een indicrecte vraag een conj. perfectum | voortijdig t.o.v. tegenwoordig of toekomstig hoofdwerkwoord |
| Op welke tijdsverhouding t.o.v. welk hoofdwerkwoord wijst in een indicrecte vraag een conj. plusquamperfectum? | voortijdig t.o.v. verleden hoofdwerkwoord |