Java Games: Flashcards, matching, concentration, and word search.

Basiswoorden les 23

Leer spelenderwijs de woorden van les 23.

AB
eloquentiawelsprekendheid
auctoritas, -tates vgezag, aanzien
praetereabovendien
sapiens, -nteswijs, verstandig
concordiaeendracht
situsgelegen
alius, alia, aliudander
membrumlid, deel, ledemaat
singuli m mvelk afzonderlijk, één voor één
consiliumraad, beraad; plan, besluit
quietusrustig
voluptas, -tates vgenoegen, genot
reliquusoverig
pars, partes vdeel; kant; rol, taak
attulipf. van afferre
afferreaandragen, brengen naar
confecipf. van conficere
conficere i/eafmaken, voltooien
fames, -em vhonger
extremusbuitenst, uiterst, laatst
apparuitpf. van apparet
apparethet blijkt + aci
tacuipf. van tacêre
seditio, -ones vopstand
similisgelijk(end) (aan / op + dat.)
plebs, plebem vplebs, lagere volk
agereleiden, voeren; doen, handelen
actusppp van agere
agere de (pace)onderhandelen over
neutergeen van beiden

This activity was created by a Quia Web subscriber.
Learn more about Quia
Create your own activities