Java Games: Flashcards, matching, concentration, and word search.

Basiswoorden les 30

Leer spelenderwijs de woorden van les 30.

AB
familiarisvertrouwd, bevriend
uti (dep) + abl.gebruiken, benutten; omgaan met
arcessivipf. van arcessere
arcessereontbieden, laten komen
praeclarusberoemd; zeer mooi
visusppp van vidêre
quarewaarom
servitus, -tutes vslavernij
pavor, pavores mangst
affectusppp van afficere i/e
afficere i/eaandoen, vervullen
temerezomaar, onbezonnen
audêre (semi-dep)durven, wagen
circa + acc.om ... heen, rondom; omstreeks
capere i/e(in)nemen, grijpen, gevangennemen
pecuniageld
afferreaandragen, brengen, halen
dimissusppp van dimittere
quadragintaveertig
mansipf. van manêre
manêreblijven, wachten
ultus sumpf. van ulcisci (dep)
ulcisci (dep)zich wreken (op), wreken, straffen
allatusppp van afferre
exposuipf. van exponere
exponerebuitenzetten, aan land zetten
distulipf. van differre
abiens, abeuntesptc praes van abire
persecutus sumpf. van persequi (dep)
persequi (dep)achtervolgen, inhalen
naturanatuur, aard, wezen
leniszacht, kalm, mild
praebêre sezich gedragen
crux, cruces vkruis

This activity was created by a Quia Web subscriber.
Learn more about Quia
Create your own activities