Java Games: Flashcards, matching, concentration, and word search.

Les 4: woorden

Leer spelenderwijs de woorden van les 4!

AB
vitaleven
circuscircus, renbaan
saepevaak, dikwijls
laudareprijzen
deliberarenadenken (over)
quantushoe / wat groot; hoe / wat veel
quothoe / wat veel
aedificiumgebouw
vicussteeg, straatje
clamor mgeschreeuw, kreet
dominusmeester, heer
dominameesteres
mercatorkoopman
vinumwijn
donumgift, geschenk
poscereverlangen, eisen
tantuszo groot, zo veel
sustinêreuithouden, verdragen
iuvat mehet doet me plezier; ik vind het leuk / prettig
inter + acc.tussen, onder; te midden van
horauur
per + acc.door (heen), over (heen)
ambularewandelen
ad + acc.naar
accederekomen (naar)
peteregaan naar; vragen, verlangen
negareontkennen, weigeren
sedmaar
ridêrelachen
ridêre + acc.uitlachen, lachen om
habêrehebben, houden
unuséén
donaregeven
studêrestuderen; willen
in + acc.in, naar
fortunageluk
currerehard lopen, rennen

This activity was created by a Quia Web subscriber.
Learn more about Quia
Create your own activities