de OVT (zwakke werkwoorden) 1
in de OVT volgen zwakke werkwoorden de regel van "t kofschip" : stam op "t,k,f,s,ch of p" + TE(N) in alle andere gevallen : stam + DE(N) Pas op voor infinitieven met een "z" of een "v" ! niezen : hij niesde , zweven : hij zweefde
|
|
|